Fernand Haerden Kunstcriticus 2008

Eddie Symkens (°1964) is een gedreven kunstenaar, die zowel keramische als bronzen sculpturen realiseert. Sculpturen als figuren in een lichaam gevat. Uit dat lichaam evenwel ontsnappend door een beweging die aan de volumineuze keramische beelden naast sierlijkheid en élégance ook kracht en waardigheid verleent. Een beweging bovendien die lichaamseigen is, m.a.w. binnen de spankracht van dat lichaam blijft en er aldus de psychologie van helpt vertalen. Deze keramische beelden balanceren tussen materialiteit en immaterialiteit. Materialiteit, omdat ze alluderen op de beperkingen van een menselijk lichaam, die zelfs lijken te beklemtonen via ogenschijnlijk zware vormen, die op hun beurt voornaamheid genereren. Een voornaamheid van beweging die de toets van een gekwelde huid moet doorstaan. Bulten, holtes, inkervingen veruitwendigen immers verhulde emoties die door de messcherp getekende mond niet verraden worden. Immaterialiteit ook of onaardsheid, omwille van de hoge graad van abstractie en compactheid, soberheid zelfs, die versterkt wordt door een ingekeerde blik, op bezonkenheid en introversie wijzend en zich afsluitend van wat aan tijd en plaats gebonden is. Hoe groter de psychische verinnerlijking, hoe sterker de materiële verwijzingen naar emotieve krachten, wat in dit werk resulteert in een aristocratische uitstraling van de mond enerzijds, gekoppeld aan de fijngevoeligheid en tederheid van de uitgewerkte handen anderzijds. Eddie Symkens is een kunstenaar die niet alleen beweging, dus voortgang, creëert in zijn beelden, maar tegelijk aan zijn artistieke evolutie voortdurend creatief stuwende impulsen geeft. Zo lijkt vormelijk de abstractie steeds mee te groeien, terwijl inhoudelijk de intensiteit toeneemt. De als het ware “monolitische” figuren - op zichzelf aangewezen of aan zichzelf overgeleverd -, lijken steeds meer communicatiegeneigd, worden als beeldengroep bij elkaar geplaatst, in beweging naar elkaar neigend, door tegenstelling elkaar aanvullend. Soberheid en expressiviteit gaan steeds meer hand in hand. De onweerstaanbare drang om aan de aardse en materiële beperktheid te ontkomen in een scheppingsproces dat daarbij aan vergeestelijking wint, is een niet-eindigend proces, een “work in progress”.